Nederland Narcostaat?

We herkennen het als student allemaal: als je ‘s avonds op de bank zit en zin hebt in wat vermaak kan je tegenwoordig met het grootste gemak drugs kopen, bijna alsof je in de supermarkt bent. Leuk voor jou natuurlijk, maar hier gaat wel een grote criminele (onder)wereld achter schuil. Bijna wekelijks verschijnt er wel een nieuw artikel over een drugsvangst in de Rotterdamse haven of corrupte medewerkers op Schiphol. Gisteren nog werd er bekend dat de douane in Rotterdam 1040 kilo cocaïne met een straatwaarde van 78 miljoen euro onderschept heeft. Hoe kan het dat Nederland dé drugspoort van Europa is geworden? En is Nederland onderhand een echte narcostaat geworden?

Het probleem en zijn oorsprong

Ons kleine kikkerlandje is niet zomaar een knooppunt geworden in de internationale drugshandel. Een van de redenen dat drugscriminelen in Nederland opereren is de goede infrastructuur die het land biedt. Met een goed wegennetwerk, een grote luchthaven als Schiphol en een van de grootste havens wereldwijd in Rotterdam is dit de perfecte uitvalsbasis voor criminelen. Verder is de productie, verkoop en transport van drugs een jarenlange traditie in Nederland. Dit begon met de smokkel van cannabis en sloeg in de jaren ‘90 over naar amfetamine, cocaïne en xtc. Omdat de drugscriminaliteit in die periode zo extreem toenam, werd deze aangepakt door een aparte eenheid binnen de politie: de Unit Synthetische Drugs (USD). Deze unit was echter zó succesvol in het bestrijden van de drugscriminaliteit dat de eenheid al snel weer opgeheven werd. Hiermee verdween echter ook de expertise van dit team binnen de politie, die later toch weer nodig bleek doordat criminelen flink geïnnoveerd hadden in hun werkwijzen.

Vandaag de dag komt de criminele onderwereld op andere manieren in contact met de bovenwereld dan voorheen. Vroeger was er meer, maar ‘lichtere’ criminaliteit, terwijl de zware criminaliteit nu toeneemt en vooral verhardt. Aan de ene kant daalt het aantal woninginbraken bijvoorbeeld al jaren. Aan de andere kant wordt premier Rutte momenteel vanwege serieuze bedreiging extra beveiligd en werden misdaadverslaggever Peter R. de Vries en advocaat Derk Wiersum recentelijk vermoord, hoogstwaarschijnlijk vanwege hun rol in het Marengoproces. Ondertussen tiert de corruptie welig op Schiphol en in de Rotterdamse haven. De drugscriminaliteit in Nederland heeft dus zulke extreme vormen aangenomen dat het de maatschappij ondermijnt, maar toch is er in Nederland (nog) geen sprake van een echte narcostaat. Volgens hoogleraar strafrecht Sven Brinkhoff is de georganiseerde criminaliteit “groot en wijdverspreid”, wat een kenmerk is van een narcostaat, maar nog “niet in de zin dat politici en politie, officieren van justitie en rechters corrupt zijn”. 

Aanpak

Er zijn gelukkig dus toch genoeg mensen die de strijd tegen drugscriminaliteit willen aangaan. Minister van Justitie Ferd Grapperhaus heeft dit zelfs als een van de speerpunten van zijn beleid gepresenteerd, maar hoe wil hij dit aanpakken? In eerste instantie is het volgens de minister belangrijk dat drugsgebruikers beseffen dat zij het criminele systeem in stand houden: hij beweert zelfs dat iedereen die een pilletje slikt of een lijntje coke snuift misdadigers financiert. En dat gebeurt in grote mate: volgens de Rotterdamse hoofdcommissaris Fred Westerbeke worden er dagelijks in zowel Rotterdam als Amsterdam meer dan 40.000 lijntjes coke gesnoven. De toename in drugscriminaliteit hangt natuurlijk direct samen met de stijging van het drugsgebruik in de samenleving. Toch is het niet de enige oplossing om dit te laten dalen.

Volgens Westerbeke en de Amsterdamse burgemeester Halsema moet er structureel geïnvesteerd worden in de politie. Naast meer blauw op straat zijn ook meer data-analisten en financieel experts cruciaal voor de bestrijding van criminele netwerken en de geldstromen die ze in stand houden. Grapperhaus heeft al laten blijken meer geld en aandacht aan de politie te geven dan zijn voorgangers, onder andere door investeringen in de politie van 291 miljoen euro en de oprichting van een nieuw Multidisciplinair Interventieteam (MIT). In dit MIT werken verschillende relevante partijen zoals de politie, het OM, de douane en de Belastingdienst samen om criminele netwerken en hun bedrijfsprocessen bloot te leggen en duurzaam te verstoren. Toch is er nu al veel kritiek op dit team, onder andere omdat volgens tegenstanders de toppers binnen de politie weggekocht zouden worden om deel te nemen aan het MIT. Er moet dus nog best wat gebeuren voordat het MIT net zo succesvol wordt als het vroegere USD. 

Conclusie

Een pilletje nemen is niet zo onschuldig als men vaak denkt. Hiermee faciliteer je namelijk de georganiseerde criminaliteit, en een deel van de oplossing voor de drugsproblematiek is dan ook het overbrengen van deze boodschap. Verder zijn extra investeringen in politie noodzakelijk om complete criminele netwerken op te rollen. Minister Grapperhaus lijkt de goede weg ingeslagen te zijn. Vooral met het MIT echter is het belangrijk om te leren van de succesvolle aanpak van vroeger, omdat de opstartfase tot dusver nog niet soepel verloopt. Gelukkig valt er te concluderen dat de uitspraak Nederland Narcostaat nog niet van toepassing is. Drugscriminaliteit en corruptie zijn enorm toegenomen in de afgelopen jaren. Toch zijn de belangrijkste tegenstanders hiervan, politici, het rechtssysteem en de politie nog niet gecorrumpeerd en zij zijn vastbesloten alles te doen wat nodig is om een halt toe te roepen aan de drugscriminaliteit.

P.S. Wil je meer weten over de drugsproblematiek en hoe die aangepakt moet worden? Lees dan vooral het rapport hierover van de Amsterdamse driehoek dat in mei verscheen.

Bronnen

Sluiten